De Bediening
De bediening van het systeem gebeurt via het intoetsen van een gepersonaliseerde code op een codeklavier of optioneel via een afstandbediening. De functietoetsen stellen de gebruiker in staat het systeem te bedienen met deelinschakelingen en om vertraagde zones direct te schakelen.
Het geheugen van het beveiligingssysteem kan worden opgevraagd op het LCD display. Volgende parameters worden geregistreerd en weergegeven : locatie en tijdstip van een alarm, tijdstip van in- of uitschakelen, welke gebruiker het systeem heeft bediend, uitval 220V, enz.
Proximity sleutel : Via de proximity sleutel kan de gebruiker het alarmsysteem inschakelen zonder zijn code te drukken. Enkel de sleutel tegen het klavier houden zorgt ervoor dat het systeem wordt bediend